CAP-extra

In een eerder onderzoek (CAP-pilot) werd 23% van de Community-Acquired Pneumonie (CAP) episodes veroorzaakt door een pneumokok van een van de serotypes uit het 13-valente pneumokokken conjugaatvaccin (13vPnC). In de CAPiTA studie wordt de effectiviteit van dit vaccin onderzocht bij 84.500 gezonde 65+ers, waarbij de helft van de deelnemers het vaccin en de andere helft een placebo heeft gekregen. Het primaire eindpunt voor deze studie is het aantal ziekenhuisopnames voor CAP, veroorzaakt door een van de 13 pneumokokken serotypes in het vaccin. Het onderzoek zal dan ook belangrijke informatie geven over de verdeling van bacteriële en virale verwekkers van CAP bij gezonde 65+ers.

Bij de CAPiTA studie werden deelnemers met een verminderd immuunsyteem (=immuungecompromitteerd) uitgesloten. Bij immuungecompromitteerde patiënten komen vaker pneumokokkeninfecties voor, daarom zal een eventuele trend in de serotypedistributie in deze populatie eerder zichtbaar worden. Vandaar dat het belangrijk is om de serotype verdeling in deze patiëntengroep te onderzoeken.

Doel

1. Vaststellen van de bacteriele en virale verwekkers van CAP bij immuungecompromiteerde volwassenen.

2. Ernst en uitkomst van CAP en gerelateerd antibioticagebruik in kaart brengen bij immuungecompromitteerde volwassenen.

Methode

CAP-extra is een observationeel onderzoek. Bij alle immuungecompromitteerde patiënten (zie in- en exclusiecriteria) die met een CAP worden opgenomen in een van de deelnemende ziekenhuizen, wordt wat extra urine en een keelwat afgenomen en worden de klinische gegevens gebruikt om de verwekker en het beloop van de CAP in kaart te brengen. Hiervoor is in elk deelnemend ziekenhuis een arts en een of meer verpleegkundigen aanwezig die het onderzoek uitvoeren.

Wat betekent het voor de patiënt?

  • Een onderzoeksarts of -verpleegkundige komt tijdens de opname bij de patiënt om toestemming te vragen voor deelname aan het onderzoek.
  • Deze stelt enkele vragen aan de patiënt. Verder worden gegevens uit de status van de patiënt gebruikt.
  • Er wordt wat extra urine en een keelwat afgenomen.
  • Het onderzoek heeft GEEN invloed op de noodzakelijke onderzoeken of behandeling van de patiënt.